WAAROM KUN JE IEMAND NIET LOSLATEN DIE JE PIJN DOET?
Soms is degene die je verwondt ook degene bij wie je troost zoekt.
Na afstand komt toenadering. Na een harde ruzie volgt zachtheid. Na stilte verschijnt een bericht. Na de angst om iemand kwijt te raken ontstaat de opluchting wanneer diegene toch weer terugkomt.
Juist deze afwisseling kan een sterke band creëren.
Je raakt niet alleen gehecht aan de ander. Je raakt gehecht aan de hele beweging rondom die persoon: de spanning, het wachten, de pijn, de hoop en de tijdelijke opluchting wanneer het weer even goed voelt.
Daardoor kan aantrekkingskracht intenser gaan voelen dan veiligheid. Chaos kan vertrouwd worden. Rust kan leeg, saai of zelfs onveilig aanvoelen.
Je blijft misschien niet alleen vasthouden aan wie iemand werkelijk is. Je blijft ook vasthouden aan wie die persoon in het begin leek te zijn. Aan wie diegene beloofde te worden. Aan de toekomst waarin al jouw geduld, liefde en loyaliteit uiteindelijk betekenis zouden krijgen.
Maar liefde kan niet namens een ander verantwoordelijkheid nemen.
Liefde maakt controle niet veilig. Ze verandert vernedering niet in verbinding. Ze maakt seksuele druk niet tot intimiteit. En ze verplicht jou niet om te blijven op een plek waar je steeds verder uit je eigen leven verdwijnt.
De belangrijkste vraag is daarom niet alleen:
Wie is de ander werkelijk?
Maar ook:
Wie ben jij in deze relatie geworden?
